Gebouw met poort
Monasterio Nuovo Santa de Valvanera

Monasterio Nuovo Santa de Valvanera - El Burgo de Osma

We rijden door de Sierra de la Demanda en andere natuurgebieden, zien het Castilla van Gormaz, komen vast te zitten in de leem van Spanje en worden gered, en vinden tenslotte een hotel in El Burgo de Osma.

Dit reisverhaal begint met dag 1.

Zondag 21-5-2000

Ernst is al vanaf 5 uur klaarwakker; God ziet het blijkbaar niet erg zitten dat die op een monnikenkamer slaapt.

Ik slaap heerlijk door tot een uur of 9, en dan moeten we opstaan voor het ontbijt, want ze zullen wel niet erg coulant zijn met telaatkomers hier.

Ons tafeltje is ons de vorige avond al aangewezen; alles is hier strak geregeld.

We hebben uitzicht op een lange tafel waar een hele groep aan zit. Het vreemde is, dat de ene kant bezet is door de mannen (die geanimeerde gesprekken voeren onder leiding van een ironisch lachende Anthony Quinn replica), terwijl de dames (ja, alweer, dames) zich strikt aan de andere kant ophouden. Alle dames hebben geverfd en gepermanent haar, hebben zich zelfs voor het ontbijt al zo chique mogelijk aangekleed, en vinden ook in deze ambience blijkbaar dat ze flink moeten laten merken dat ze er niet tevreden mee zijn en er ver boven staan. Oh, wat zou het verschrikkelijk voor mij zijn als ik hier was geboren!

Van de weeromstuit mors ik mijn ei overal overheen, zodat we de ontbijtzaal nog smeriger verlaten dan we toch al waren).

*Red. .. Eigenlijk wel jammer al die opgeklopte belangrijkdoenerij, want dat prachtig geciseleerde tableau aan de muur hebben ze niet eens bekeken, en al blijft het een christelijke voorstelling is natuurlijk ook een beetje poeha, maar om een plaat van 2 bij 1 meter helemaal tot een relief te kloppen lijkt me machtig mooi werk.

 

Na lang wachten (Ernst heeft in de tussentijd de motoren al weer helemaal bepakt) verschijnt er een monnik met wie ik kan afrekenen.

Hij spreekt me in het Duits toe, is uiteraard blij om te horen dat we Nederlanders zijn, en vindt het helemaal fantastisch dat ik Latijn heb geleerd op school. Hij vraagt me of ik alsjeblieft ooit een keertje Spaans wil leren, want het is de mooiste taal ter wereld, in zijn ogen. Ik heb het beloofd, dus er zit niks anders op!

*Red. Dat moeten we sowieso want ik wil er nog vaak naar terug, en van dat idee af dat die Noorderlingen noorderlingen zijn...

 

Als we terugrijden, van het zijdal waar het klooster aan ligt naar het dal waar de route loopt, zonder de motor aan te zetten, want het is steil, zien we toch nog de camping: aan een zijweggetje staat enige tientallen meters verder, achter een boom, een bord. Dat hadden we nooit kunnen vinden in het donker.

 

We rijden hier door de Sierra de la Demanda, en zien voorlopig alleen sappig bos, met een kronkelend riviertje. Helemaal zoals we het ons 's nachts haden voorgesteld.

 

Ernst ontdekt nog een bruggetje dat aan één kant helemaal is volgegroeid met een gordijn van klimop, helemaal tot aan het water (deze foto laat de andere kant zien van de foto hierboven).

*Red. Heel absurd eerst dacht ik dat er een soort treurwilg helemaal over de rivier gegroeid was met een rare rechte knik in zijn kruin, maar toen ik ervoor bij reed bleek het ene heel oud bruggetje te zijn.

Vlak voor we naar links zullen afslaan, richting Quintanar de la Sierra , wordt het kaal: heuvels met alleen maar gras, met koeien, en meteen weer Gieren.

We rijden een rondje (want ik ben ergens verkeerd afgeslagen), en ik zie nog een Dwergarend (tsja, sorry voor al die vogels, maar die horen er bij, hier in Spanje).

*Red. Dat is toch de enige reden dat we steeds op vakantie gaan, of gingen we naar de Cota Doñana voor de wilde zwijntjes ?

Het is inmiddels erg bewolkt geworden, en af en toe valt er een spatje regen. De weg voert op dit moment voornamelijk door dennenbos, wat nogal eentonig is. Daar groeit eigenlijk nooit iets onder, en zeker met deze bewolking is het alleen maar somber. Enig hoogtepuntje is het hert dat we zien, eigenlijk precies op de plek waar meneer Michelin er eentje heeft ingetekend. Wat zijn die kaarten toch fantastisch.

Helaas zijn de onverharde wegen, die ik in de route had opgenomen,inmiddels alweer van asfalt voorzien, maar er zitten nog wel geasfalteerde stukken in die meer uit gaten dan uit asfalt bestaan, dus er valt nog wel wat te beleven ;-)

 

Het hele idee van dit stukje van de route heb ik eigenlijk van Meine . Die heeft op zijn homepage een reisverhaal over de Extremadura en Andalucia staan, en daarbij is hij lyrisch over het Parc Natural Cañon del Rio-Lobos. Hier zouden de Blauwe Eksters over je voeten lopen, en hij vond het veel mooier dan Montfragüe (komen we nog op terug ;-), waarschijnlijk de beroemdste plek van Spanje voor vogelaars.

Ik had dus een route over witte weggetjes getekend die ons precies door dat park voert.

Het mooie is wel, dat we, zodra we de borden gezien hebben van het park, vijf Blauwe Eksters zien.

Blauwe Eksters komen vreemd genoeg alleen in een klein stukje van Spanje voor (we zullen ze nog heel veel zien hier), en verder in China. Qua vorm lijken ze precies op onze Eksters, maar de vleugels en de staart zijn van een wondermooi lavendelblauwe kleur voorzien; hun lijf is isabelkleurig, en ze hebben een zwart kopje met wit keeltje.

Het Parc Natural bestaat, zoals de naam al zegt, uit een cañon met wat land daaromheen.

 

Wij rijden over de hoogvlakte, en op een gegeven moment is er een uitkijkpunt van waaruit je de cañon in kunt kijken. Helaas regent het, wat ervoor zorgt dat de Gieren, die Meine en Karin hier ongetwijfeld in grote hoeveelheden hebben gezien, lekker warm thuis zitten (vandaar alleen deze distel op de foto).

De cañon is in principe prachtig, met enorme loodrechte wanden, maar wat het effect een beetje teniet doet in mijn ogen, is dat daar beneden in de diepte niet een wilde woeste rivier kronkelt, maar dat daar vooral een weg te zien is. Niet echt een hoogtepunt dus.

*Red. Nee eigenlijk meer een dieptepunt met zo'n zielig drijfnat vogeltje aan mijn zij ;-(

Als we het park uitrijden regent het flink. We schuilen nog een poosje, onder een dakje met info van het park er onder, en bij een bushokje. Het mooie is dat ik het niet kan uitstaan om niet te rijden, ook al regent het, en dat Ernst eigenlijk alleen wil schuilen voor mij, want hij heeft tenslotte al z'n regenspullen aan, en ik ben geheel en al water- en winddoorlatend gekleed.

Tenslotte weet ik hem ervan te overtuigen dat de echt donkere wolken alleen maar naar ons toe komen, van opzij, en dat het in de richting waar we naar toe gaan er juist veel lichter uitziet.

 

OK, op naar El Burgo de Osma dus, en beyond!

*Red. Neem je de volgende keer in ieder geval wel een regenjacky mee?

Vanuit El Burgo de Osma ben ik van plan via allerlei kleine weggetjes uit te komen ten zuiden van de Sierra de Guadarrama , en ik hoop er natuurlijk op dat die de regen tegen zullen houden.

Van ver zien we al het enorme Castillo de Gormaz liggen, bovenop een heuvel. Het is echt gigantisch groot, en is daar neergezet door de Moren, door Al Hakam II , en verder natuurlijk door van alles en iedereen gebruikt toen die weg waren.

 

*Red. en het mooie is nog wel dat het al op zo'n enorme puist in het landschap ligt als je van het noorden erop af komt terwijl erachter ook nog eens een dal ligt moet je je voorstellen dat je uit het zuiden aankomt, hoe nietig moet je je dan wel niet voelen.

 

Als we om dat kasteel heen zijn gereden, kijken we uit op vrijwel zwarte wolken voor ons, in de richting van mijn route.

Ernst stelt voor om rechtsaf te slaan. Dat betekent dat we, via een aantal onverharde wegen, uit zullen komen op de rode weg uit El Burgo de Osma , die weer uitkomt op de snelweg, en die beide ten noorden van de Sierra de Guadarrama lopen. Wegen zijn hier niet dikgezaaid, en om over een bergketen of rivier te komen heb je hier vaak maar twee mogelijkheden per honderd kilometer of zo.

Ik heb eigenlijk niet veel zin in die rode weg en die snelweg, maar die zwarte wolken zie ik ook niet zo erg zitten. Vooruit dan maar dus :-(

*Red. Wat een tegengestribbel...

Het begint mooi: een weg die om en tussen heuvels heen loopt, lekkere bochten dus.

Helaas haalt de regen ons een beetje in, en voelen we steeds meer spetters.

In Fresno de Caracena , een dorp met een ongetwijfeld roemrucht verleden gezien de naam, maar nu eenzaam en verlaten en vol ingestorte huizen, hebben we de keuze om naar rechts te gaan, helemaal terug naar El Burgo de Osma, of rechtdoor, de onverharde weg op, die ons een heel eind verder op de rode weg zal brengen. Rechtdoor dus.

En deze keer is het dan eindelijk echt nog steeds onverhard, zoals het op de kaart staat!

*Red. Moet haast wel het Fresno zijn dat zijn naam geleend heeft aan dat stadje in Amerika, want precies daar kwamen een blauw Nederlands busje tegen dat ook op zoek was naar de juiste uitgang, hopelijk zijn ze niet achter ons aangehobbeld ;-)

Het is een weg van leem (alles is hier van leem, inclusief de huizen), met stenen. Het rijdt perfect. Tot we een beekje moeten oversteken dat dwars over de weg loopt: dan merk ik opeens hoe ongelofelijk glad leem is, als het nat is. En hoe ongelofelijk zwaar die BMW met ortlieb en koffers natuurlijk.

 

Alleen regent het nu een beetje en wordt het natter en natter. De hele weg is nu van natte leem gemaakt.

Als er echt lange stukken zijn met water, waar ik niet meer kan zien hoe ik het beste kan rijden, en dus zo ongemerkt een geul in kan rijden, die hier in ruime mate zitten, krijg ik het af en toe echt niet meer voor elkaar om zelf te rijden.

We doen het zo dat Ernst vooruit rijdt op de Roadrunner, ik er achteraan op de R3B, in een langzamer tempo, en af en toe stilstaand om drie keer goed in te ademen voor ik de plas durf te wagen, en dan komt Ernst teruglopen en neemt de R3B weer een eind mee naar voren, enzovoortenzovoort.

De regen zet niet echt door, alleen de weg is nat.

Alleen heeft Ernst niet verteld dat er een probleempje is met de accuoplader van de R3B: als je niet boven de 3000 toeren uitkomt laadt die niet op, en hier reed hij de hele tijd vrijwel stationair.

Oftewel, op een gegeven moment wil Ernst de R3B starten, en: nada, niks. Leeg. Even wachten, nog eens proberen, niente. Een kwartier wachten: helemaal niks.

Shit, we zitten hier in the middle of nowhere, tussen de golvende akkers, precies tussen twee heuvels in, met een lege accu! "Als het nou maar niet gaat regenen", merk ik stom genoeg op, en geheel voorspelbaar begint het meteen, en in niet geringe mate ook.
Daar staan we dan, twee verzopen katten naast een dode motor :-(

*Red. En ik maar denken dat ik met Sylvia op stap ben, maar blijk ik ene Cassandra meegenomen te hebben ;-(

Met vereende krachten duwen we tenslotte de R3B tegen één van de heuvels op, en Ernst probeert hem naar beneden rijdend te starten, maar het achterwiel heeft gewoon helemaal geen grip op dat leem. Mislukt!

Ik ben helemaal op. Moe van het duwen, kletsnat, en dat een motor het niet meer doet, daar kan ik helemaal niet tegen. En dan doe ik natuurlijk ook nog verschrikkelijk veel moeite om de "hadden we nou maar... " gedachten die zich in ruime mate aandienen, buiten de deur te houden.

 

Tenslotte bedenken we een PLAN:

We rijden samen op de Roadrunner naar het volgende dorp, Quintanas Rubias de Arriba, en gaan daar naar het plaatselijke café om hulp te zoeken. Ik geef toe, het plan is nog een beetje vaag, maar het is een plan!

Het dorp blijkt ook alweer vooral ingestorte huizen te bevatten, en ik merk Cassandra- achtig op dat het er niet erg naar uitziet alsof er een café is, waarop de aanwezige cafés natuurlijk al helemaal van de aardbodem verdwijnen.

Tenslotte zien we een oudere man in overall (van de Spaanse boerenleenbank, Caja Rural , zullen we later zien), die we aanspreken. Alles moet in het Spaans, maar we weten hem duidelijk te maken dat we motorpech hebben.

We worden meteen binnen uitgenodigd, in de hal.

Als we langzamerhand met behulp van Wat en Hoe in het Spaans, en handgebaren en dergelijke, duidelijk hebben gemaakt dat we startkabels nodig hebben, wordt er gehandeld.

Ten eerste: dit is een duidelijke mannenzaak, vinden ze. Ik wordt dus in de enige kamer neergezet, waar de demente oma ook al zit, en de buurvouw komt mee.

Om Ernst te helpen wordt de enige man in het dorp die Engels kent, uit zijn middagslaapje gewekt.
Hij blijkt op het ministerie van Landbouw te werken, vandaar die zeldzame eigenschap dat hij goed Engels kent. Zijn ouders wonen hier nog steeds, en daar brengt hij af en toe de weekenden door.
Zoals gewoonlijk boffen we weer, dat we hier op zondag zijn beland!

Ik krijg koffie, en cake, en Ernst mag ook even binnenkomen om daarvan te genieten.

Wat zich buiten allemaal afspeelt, daar heb ik geen zicht op. Het komt er op neer dat Ernst de accu van de Roadrunner uitbouwt, om mee te nemen naar de R3B, daar in te bouwen, omhoog naar het dorp te rijden, en dan met startkabels de lege accu weer op te laden. Het koste veel opzoekwerk in het boekje, maar uiteindelijk weet ik ze duidelijk te maken wat Ernst gaat proberen.

*Red. Ja probeer ik uitgerekend aan de demente oma de foto's op de libretto te laten zien, tja dat geeft een hele rare reaktie op het publiek, ik voel me net Thomas Alva (zou ie ook uit Spanje komen) Edison die mensen de gloeilamp laat zien...

Ik ben inmiddels een bezienswaardigheid hier binnen. Vooral Oma zit me met open mond aan te staren, en de buurvrouw vertelt dat het zo wonderlijk is dat Ernst er Spaans uitziet, maar ik helemaal niet, met mijn "witte huid", en dat ik toch Spaans kan praten!
Als ik moet lachen om de hond, die meteen begint te bedelen om de cake, moet Oma ook lachen, en daarmee is het ijs gebroken. Elke keer dat ik in haar richting kijk lacht ze lief terug.

De kamer bevat een tafel met stoelen, een houtkachel, een televisie, een kleed daarvoor op de grond, een kastje met kopjes en glazen, en foto's aan de muur. Allemaal echte fotografen-studio-foto's, van de huwelijken die er in de familie hebben plaatsgevonden. Dat is alles. Geen bank, geen boekenkast, niks.

En ik mag hier zitten en krijg koffie met cake, waarvan ik steeds wordt aangemoedigd nog een hapje te nemen.

Mijn gastvrouw kijkt altijd vrolijk, en heeft een tomeloze energie. Ze is voortdurend bezig koffie te zetten, schoon te maken, verhalen te vertellen, en bij mij cake naar binnen te proberen te krijgen.
Dat is nog eens wat anders als die Spaanse "dames" die we tot nu toe hebben gezien!

*Red. Het is echt weer een typisch voorbeeld van de galactische wet dat hoe minder mensen te delen hebben hoe liever ze het doen... Snap eigenlijk niet hoe dat zo komt, zou leuk zijn als het gewoon werd om te delen in gastvrijheid ;-(

Af en toe probeer ik een gesprekje, maar het is en blijft erg moeilijk in het Spaans.
Tenslotte zeg ik dat ik "mijn man wil helpen". Maar daar is geen sprake van!!! Nee, ik moet blijven zitten, en die mannen doen het werk, daar zijn ze voor, vinden de vrouwen. Bovendien vinden ze het volgens mij wel heel interessant om zo'n vreemd wezen over de vloer te hebben.

Het mooie is, dat zij nu op hun beurt aan mij gaan uitleggen wat Ernst aan het doen is ;-) Mijn pogingen zijn dus overgekomen...

Op een gegeven moment mag ik naar buiten, want ze hebben gehoord dat het zo ver is dat de lege accu wordt opgeladen.

Daar staat iedereen die nog in het dorp woont te kijken naar wat er allemaal gebeurt, allemaal met de blauwe overall aan van Caja Rural. Ik hoop maar dat die Caja een beetje schappelijk is voor ze, want het is ongelofelijk hard werken voor bijna niks, terwijl het zonde zou zijn als over een paar jaar echt alle huizen hier ingestort zouden zijn en er niemand meer zou wonen. Laten ze daar die dikke EEG-subsidies maar aan besteden, in plaats van het verbreden van al die wegen.

De vrouw van de Engelskenner is ook buiten (die was ook nog even langsgeweest, om van alle foto's te vragen wie daar precies op stonden).

Ze maakt maar van de gelegenheid gebruik om de auto tot in de puntjes te wassen, en ondertussen natuurlijk de slang te richten op alle kijkende mannen van het dorp.

Tegen mij zegt ze in het Spaans: "Hier in Spanje zijn de vrouwen de baas, zie je, niet de mannen!".
En het volgende wat ze vraagt is of wij ook royalist zijn, en dat de koningin in Nederland Beatrice heet ;-)

Dat moet haar man vertalen, want dat red ik niet meer. Hij trekt er een beetje een verlegen lachje bij: hij is juist helemaal geen royalist. Een hot issue blijkbaar, in Spanje ;-)

*Red. Voor de niet Spanje kenners Franco heeft de koning weer op zijn troon gezet vlak voor ie de pijp aan maarten ging geven, en Spanje kent echt een wanstaltig woelige historie van twee of meer elkaar bestrijdende bevolkingsgroepen, zo hebben ze al sinds twee eeuwen geleden een heuse Anarchistische Vakbod (¿Que?) en een Socialistiche en een Communistische en natuurlijk een Ultra rechtse een royalistische enz. enz. Om nog maar te zwijgen van de ellende die er na Columbus over de boeren werd uitgestort... Want toen werd alle land verdeeld onder de opeens rijken, en toen de toevoer van Goud en Argentienie opeens stopte donderde die hele zeepbel economie in elkaar (en nu hebben we E-commerce...)

Er zijn inmiddels echte startkabels gevonden, en de man die Engels kent heeft meetapparatuur.

Tenslotte, als Ernst een proefritje heeft gereden, en de bagage weer op de motoren zit, krijgen we bij hem thuis nog een groot glas cola, en legt hij ons precies uit hoe we in El Burgo de Osma terugkomen, want dat doen we: we zijn doodop, en ik heb al die tijd zitten rillen van de kou, en doe dat nog steeds.

*Red. Echt mooi hoe ze ondanks dat ze niets snappen van BMW techniek toch allemaal willen helpen het probleem op te lossen, het mooiste vond ik nog wel dat onze Ministriële vriend terwijl ik de Roadrunner weer afbouw (proerit maar effe zonder zadel enzo) in de weer blijft met twee stukken dikke elektra kabel terwijl het probleem allang weer uit de wereld is. Ik snap er niks van en probeer hem uit te leggen dat ik klaar ben, maar daar wil ie niks van weten "This are for if you break down again" Oftewel hij heeft speciaal voor ons arme motorrijders prachtige startkabels gefabriceerd !

Als we wegrijden zwaait iedereen ons uit. Ik weet dat ik iets heel bijzonders heb meegemaakt, maar ben nog even te uitgeput om er blij mee te zijn. Dat komt later wel.

 

*Red. Je was eigenlijk meer dood dan levend, en dat van een beetje regen... Ik hoor het je nog zeggen ergens voor "Breda": " Ernst zullen we teruggaan om mijn Jas te halen, ach nee ik doe het ook niet we gaan naar Spanje! En het is hier al 25 graden in de schaduw" Ik nog proberen, zo van, maar "Schat, we moeten over wel 6 bergmassieven...", maar nee ze vind haar modieuze jackie veel te mooi om onder een lekker waterdichte warme jas te verbergen, zal wel onder het mom zijn van "wie mooi wil zijn moet kou lijden"...
Nou je bent geloof ik wel aan je (stuip)trekken gekomen ;-þ

Nu eerst naar El Burgo de Osma, een hotelletje vinden, wat lukt, het is godzijdank nog open, een hotel boven een bar/restaurant, en we kunnen zelfs nog wat eten ook!. Het eten maak ik in zombie-toestand mee.
Daarna vullen we het bad, en duurt het een half uur voordat ik stop met bibberen.

*Red. "Half uur" als in het Spaanse Mañana...

Slapen!!!!

 


© Copyright - Auteur: Sylvia Stuurman , Foto's: Ernst Anepool .
Copyright 1993-nu.
Voor commentaar, e-mail adres: sylviastuurman@gmail.com
 
terug Code voor foto: