Zonsondergang boven besneeuwd landschap
De zon gaat onder in de buurt van El Burgo de Osma

Bayonne - El Burgo de Osma

Vanuit Bayonne is Biarritz dichtbij. De kust daar is prachtig, in de winter, met golven die stukslaan op rotsen, met een eenzaam huis er bovenop.

Via Donostia (San Sebastian) en Pamplona rijden we naar Logroño, waar we eten.

Verderop, op de Puerto de Piqueras (ruim 1700 meter) komen we in de sneeuw te zitten, en bovendien is de benzine bijna op. We halen de overkant, geen idee hoe, en daar is een reddende benzinepomp.

Overnachten in El Burgo de Osma.

Dit reisverhaal begint met dag 1.

Donderdag 28-12-2000

Om negen uur gewekt, en beneden staat ons een heerlijk ontbijt te wachten, met bergen ham voor Ernst (had de vriendelijke meneer mij gisteren al beloofd).

*Red. "U kunt uw ontbijt ook op de kamer krijgen, maar beneden heeft u er ook nog ham bij..."

We zitten van het eten te genieten met uitzicht op de brug over de Adoul, met een zon die alles fantastisch uitlicht.

*Red. Ik bedenk dat dit wel een fabeltastich beeld is zo'n eindeloze brug waar alle Arc's van oplichten aan de onderkant terwijl de rest nog in de schaduw gedompelt ligt, maar als ik dan tot de slotsom kom dat dit een wereldplaat is, en ik het S20je heb gehaald is er een grauwsluier voor de Zon geschoven ;-(

De meneer die ons een tafeltje heeft aangewezen vraagt of de motor soms van ons is, en is wederom heel erg vriendelijk ("Parlez-vous Francais?". Maar die vraag moet hij wel van zijn Amerikaanse bazen hebben geleerd, want we zitten hier in een Comfort Inn hotel, blijkt.). Maar, in tegenstelling tot de Amerikaanse Comfort Inns is dit een heel mooi oud sfeervol gebouw, met van die lekker dikke balken.

Om 11 uur vertrekken we. De meneer bij wie ik afreken vraagt zelfs nog of ik ook rij, en of we dan afwisselen!

 

Op naar Biarritz . Dat blijkt een hele mooie plaats te zijn, groot, maar met vrijwel alleen maar oude huizen, oude hotels, parkjes, enzovoort.

En de zee!!! Rotsen, een fantastische banding, en links uitzicht op de Spaanse Baskenkust, met bergen en al.

Alle straten gaan zwaar op en neer natuurlijk, want alles is bergachtig hier.

 

*Red. Ik zie een prachtig uitzicht en draai de eenrichtingsboulevard tegen het verkeer in in, en wat zie ik daar beneden, een eenzaam huis op een uit de zee reizende rotspiek, wat zou ik daar graag wonen, helaas, hoe mooi de foto ook is, ik kan Syl niet meer overtuigen nadat ik met mijn domme hoofd op de depressies in de Golf van Biskaje heb gewezen, sukkel die ik ben ;-(

Baskische huizen overal: witgepleisterd (soms roze of lichtgeel), met donkerrood houtwerk (soms donkergroen of donkerblauw) voor de dakrand, de luiken, het hekwerk van het balkon, en vaak vakwerk bij de bovenste verdieping.

We rijden een heel eind parallel aan de kust, met af en toe uitzicht op zee of strand. En overal die mooie oude huizen.

*Red. En al die driedimensionale bochten, heeeerlijk !!!

In San Sebastian, of Donostia (ja, we zitten alweer in Spanje) nemen we de N121 naar Pamplona.

Langs een rivier die kronkelt, met watervallen, en links van ons een berg. Struiken met gele bloemen (Brem? Mimosa?) plus bruin van alle bladverliezende bomen, plus veel groen, van de niet-bladverliezers en gras.

De baskische huizen krijgen hier meer natuursteen als versiering in plaats van hout: op de hoeken, bij de ramen, en soms gewoon hier en daar een kei in het pleisterwerk.

De weg is druk, maar af en toe kunnen we lekker scheuren (MantraMantraMantraweg).

Pamplona. Blik op de oude stad, maar we rijden zelf door de buitenwijken. Overal wordt gebouwd.

 

We rijden richting Logroño . Heuvels, wijds. We zien af en toe sneeuw in de heuvels.

Ik zie een hotel met de naam "Peregrine", en denk: "Wat leuk, een hotel naar de Slechtvalk (Falco Peregrinus) genoemd".

Dan bordjs met de mededeling dat we uitzicht hebben op de bedevaartsweg naar Santiago de Compostela. Aha, daar sloeg die naam dus op.

Ik zie een Steenarend , en ook de eerste Gieren zweven majesteitelijk door de lucht. Prachtige bochtjes af en toe, en de weg is hier en daar helemaal droog.

We zien het voetpad steeds weer opduiken: net zo'n lemen pad als waar we in mei op vastliepen toen het zo verschrikkelijk begon te regenen. Maar nu schijnt de zon.

Logroñ. Lunch in een Spaans "cafetaria" (tussen aanhalingstekens, omdat je netjes bediend wordt, als in een restaurant, en omdat het eten -uiteraard- overheerlijk is).

Er wordt speciaal voor ons een Engelssprekende kok uit de keuken opgetrommeld, maar helaas voor hem blijkt hij onodig: we snappen alle gerechten van de kaart, en kunnen dus zo bestellen ;-)

Op de vloer liggen plavuizen, afgewisseld met kleine Delfts-blauwe tegeltjes ;-)

Ik smul van mijn overheerlijke patatas bravas met tortilla con queso.

*Red. En de tomaten met Knoflook, nou ja Knoflook met Tomaat, was een betere omschrijving, waar we toch echt olie en azijn over moesten sprenkelen van de ober, hij begreep er niks van dat ik het naturel veeel lekkerder vind, als verzopen in de olie...

En ik had een Marco de Polloooo, con patatas Bravas e uovo...

 

Het is weer mijn beurt om voorop te zitten. We komen langs een benzinestation, maar volgens Ernst hadden we nog zat benzine om Soria te halen, dus ik stop niet.

We klimmen. De weg is nat, en ik begin uit te kijken of het nat geen ijzel aan het worden is. Dan begint het te sneeuwen. En dan, een eindje verder, is alles wit, inclusief de weg. Nou ja, wit, het is van die kledder-sneeuw, hier en daar gesmolten en weer opgevroren.

Ik rij nog een eindje door, maar dan sta ik voor een haarspeldbocht, steil omhoog. De kans is groot dat ik onderuit ga als ik die probeer, en om de motor in die spekgladde bagger weer overeind te krijgen (eventjes ervan uitgaande dat hij netjes op de weg blijft liggen en niet van de weg af glijdt) lijkt me nou niet een echt lekker vooruitzicht.

Bovendien waait het echt verschrikkelijk hard, dus glij je zelfs rechtuit rijdend heel makkelijk van de weg.

Ik stap af. Het probleem is dat we, als we terugrijden, vrijwel zeker zonder benzine komen te staan. Als we doorrijden hebben we een kans dat we het halen (Ernst z'n berekening was zoals gewoonlijk nogal aan de optimistische kant).

*Red. "Ik stap af"???

"Zal ik het overnemen, Schat?"
"Nee ik ga niet bij jou achterop"

"Huh, waarom niet denk je dat ik het niet kan"
"Ik ga niet bij je achterop, ik ga nog liever lopen!!!"

"Lopen, naar Soria???"
"Ja, desnoods..."

En zo reed ik stapvoets (wat die stomme roadrunner helemaal niet kan) door de matsch, zoals ze dat zo mooi in het duits zeggen...

Ik sta daar te vloeken, uit machteloosheid, want ik weet wel weer waar het onvermijdelijk op uit zal draaien: Ernst rijdt, en hij zal ongetwijfeld met die klotepoten van hem niet eens onderuit gaan, en ik ben weer het hulpeloze wezentje :-(

Godverdegodver. Om te beginnen weiger ik natuurlijk achterop te gaan zitten. Ik ga wel lopen!

Zo komen we, ik lopend, en Ernst stapvoets rijdend, een sneeuwschuiver tegen en een 4x4 die van de andere kant aan komen rijden.
"Esta possibla?" (klinkt toch aardig Spaans nietwaar?).

De man in de sneeuwschuiver zegt dat het volslagen onmogelijk is; de 4x4 bestuurder meldt "pocito, pocito", misschien een heel klein beetje, maar hij maakt moeizame bewegingen door met zijn hand heen en weer te schudden.

Maar goed, er zit toch niks anders op dan door te gaan. Ik hou het lopen nog een poosje vol, maar dan ga ik op de rechte stukken maar achterop, en tenslotte blijf ik achterop zitten. Ik sluit het elektrische vest niet aan (helemaal vergeten te zeggen! Het werkt perfect! Is heel erg lekker warm!), want ik schat de kans dat we onderuit gaan toch nog tamelijk hoog in.

Dan komt de sneeuwschuiver achterop, haalt ons in, en dan hebben we een privésneeuwschuiver voor ons uit rijden. Het is bitterkoud in die é klotewind.

 

We zijn hier op de Puerto de Piqueras, en die is 1710 meter hoog. Het staat keurig netjes op mijn kaart, maar ik had bij het uitzetten van de route niet gerealiseerd dat niet alleen de Pyreneeën problemen konden opleveren, maar de rest van Spanje ook ;-)

 

Het sneeuwlandschap om ons heen is erg mooi, zeker in het licht van de ondergaande zon, al geef ik dat pas dagen later toe. Ik zie Alpenkraaien door de lucht buitelen, die houden wel van de wind.

Tenslotte rijden we in de vlakte, en ga ik weer voorop. Alles is nog steeds wit, en we rijden nog steeds door blubbersneeuw.

Een kilometer of twintig voor Soria een tankstation! Ik lazer bijna om als, op de dikbesneeuwde oprit, mijn achterwiel een andere kant op wil als mijn voorwiel, maar de lange stelten van Ernst bieden uitkomst.

Tanken bij 400 km, maar we hadden Soria nog makkelijk kunnen halen.

*Red. "we halen het noooit..." Ik hoor haar het nog bijna schreeuwen...

 

Ik rij door, naar El Burgo de Osma , bekend van de meivakantie, toen we vast waren komen te zitten in de leem, vlak onder El Burgo.

Ik rij achter een vrachtwagen aan, en laat me inhalen door allerlei auto's :-(

Heel, heel langzamerhand wordt de sneeuw minder, en tenslotte ligt er zo weinig dat ik de vrachtwagen kan inhalen.

Het is een uur of 8, als we in El Burgo aankomen. Normaal gesproken rijden we door tot een uur of tien, in Spanje, en zoeken dan een hotel, want het handige is dat tien uur hier etenstijd is, zodat je dan kunt eten en wijn drinken ;-)

Maar nu besluiten we dat het genoeg geweest is voor vandaag. Het is heel erg vermoeiend rijden in die sneeuw, met weinig zicht.

Het hotelletje waar we in mei een plekje hadden gevonden is dicht; het andere hotel wat we toen hadden gesignaleerd ook. Ik stop bij een lantarenpaal, om de Spanje-gids op te zoeken om te kijken of er nog meer hotels in staan.

Als Ernst daar tevergeefs El Burgo in heeft proberen te vinden (blijkt er achteraf toch in te staan), komt er, uit de werkplaats waar we voor staan, een Spanjaard op ons af, die in moeizaam Engels vraagt of hij ons kan helpen. Hij weet twee hotels die open zijn, en hij beschrijft uitgebreid hoe we daar moeten komen.

Het eerste ziet er niet echt leuk uit; het tweede is een groot oud huis met uitzicht op de burcht. Die wordt het!

De eigenaar stelt meteen voor dat hij zijn Rover, die pal voor het raam van de receptie staat, zal weghalen zodat we de motor daar kunnen neerzetten, dan zal hij er de hele nacht naar kijken (in Spaans plus gebarentaal: met de rechterwijsvinger het onderste ooglid een stukje naar beneden trekken).

Maar aan de overkant is een stoepje met een lantarenpaal, daar zetten we hem wel aan vast, dan kan hij zijn Rover (zijn Trots, zien we aan de foto's in de bar, waar overal die Rover pal voor het hotel staat).

We hebben een kamer met balkon (vol met kratten lege bier- en colaflessen), en een bad.

Het restaurant (we zitten in een Hotel Restaurant, aangegeven met enorme HR-letters in blauw neon, op het dak) blijkt gesloten. Ons avondeten bestaat dus uit in grote hoeveelheden meegebrachte Sultana's, en chocola, beide genuttigd in het bad, waarin we langzamerhand opwarmen.

*Red. Echt prachtig er zijn van die privacy schotten van melkglas op de balkonrandjes geplaatst waarvan de rechter (die ons het zicht op de Burcht ontnemen) omgelazerd is, en met touwen en planken, en die kratjes cocacola weer op zijn plaats bevestigd is, ons Balkon tot rampgebied omtoverend, maar goed het is nu toch veel te koud en donker om te zonnebaden...

We besluiten ter plekke de te volgen route te veranderen: het wordt de grote weg (eerst een N, dan snelweg) naar Madrid, door naar Toledo, en daar weer op een N richting Cordoba. Want we hebben 4 uur gedaan over 160 kilometer, en we willen Ronda wel op tijd halen. We kunnen ons dus niet veroorloven ergens anders nog een keer bijna vast te komen te zitten...

 


© Copyright - Auteur: Sylvia Stuurman , Foto's: Ernst Anepool .
Copyright 1993-nu.
Voor commentaar, e-mail adres: sylviastuurman@gmail.com
 
terug Code voor foto: