Pieter in silhouet, tegen het licht van de ondergaande zon, met de zee er achter
Pieter

Gorliz en Plentzia

Een dagje aan het strand van Gorlitz, mensen kijken, en tenslotte eten in Plentzia.

Dit reisverhaal begint met dag 1.

Maandag 4-8-2003

Bij het opstaan op ons lekker schaduwrijke plekje (echt uitslapen! pas om 11 uur drijven we onze tent uit), zie ik dat onze vorige boze buurman een nieuwe buur heeft gekregen in plaats van ons, en nu aan het inpakken is.

Pablo is aan het bleren, uiteraard.
Hij is de uitzondering op de regel dat Spaanse kinderen niet huilen, net zoals zijn vader een uitzondering is op de regel dat Spaanse vaders heel lief en geduldig zijn voor hun kinderen.

De moeder zit zwijgend met de kinderen op de rand van de auto, terwijl de vader in z'n eentje, met een gezicht als een donderwolk, aan het inpakken is. Moeder en kinderen lijken bang, Hmmmm, een rotgezicht.

Naar de bar, koffie drinken, niet meer aan arme Pablo denken.

De bar heeft een ruimte ervoor, met trottortegels bestraat en met een blauw-wit doek overdekt, tegen de zon. En een paar kooien met vogeltjes.

 

Pieter en Ernst gaan samen op de motor op zoek naar slippers, terwijl ik hier nog een kop koffie neem en in m'n boekje schrijf.

De foto (en de twee volgende) is wat later in de tijd: als ze terug zijn en we tijdens de siesta een biertje drinken voor onze tent, op de plastic stoelen die we van de campingbaas mogen lenen omdat je op de motor tenslotte geen stoelen mee kunt nemen, zoals hij zegt.

 

Als ze terugkomen vertellen ze dat ze in een wielerwedstrijd terecht zijn gekomen met de motor. Ze reden achter een wielrenner aan, en er was politie die de chaos probeerde te bedwingen.
Ernst en Pieter werd gevraagd achter die wielrenner te blijven, wat ze braaf deden, en de politie probeerde het verkeer van de andere kant stil te zetten. Dat lukte niet altijd, zodat er af en toe een kwade automobilist tegen de wielrenners inreed (ook achter Ernst en Pieter reden wielrenners).

Veel mensen aan de kant.
Opeens spandoeken over de weg. De man voor ze steekt zijn armen omhoog, gejuich: ze reden achter de winnaar ;-)

In Mungia hebben ze een surfshop gevonden, zodat ze nu beide van waterbestendige slippers zijn voorzien.

 

We hangen nog even bij de bar, en dan op onze schaduwrijke plek bij de tent, tot de ergste hitte voorbij is.

 

En dan lopen we naar het strand. Onderweg kom je dan eerst langs de sportvelden van Gorlitz.

 

Aan het bord bij de ingang van het barbecuepark is te zien dat het hier de normaalste zaak van de wereld is dat je met de motor een trappetje af rijdt om door het park te crossen: er staat een bord dat dat expliciet verbiedt.

 

Aronskelken lang het pad: de bewering bij het verbodsbord dat het hier om "natuur" gaat klopt wel.

 

Het barbecuen door Spaanse families is alweer in volle gang.

 

Aan het einde van het barbecuepark de trap naar de parkeerplaats bij het strand.

 

Op de foto het ziekenhuis van Gorlitz, direct aan de boulevard.

Aan het strand wordt af en toe iets omgeroepen door de strandwacht: eerst in het Baskisch, dan in het Spaans.
Het enige wat we ervan kunnen begrijpen is dat de zee 23 graden warm is, en dat je vanwege de hitte elke 10 minuten in het water moet.

Onvoorstelbaar, wat een verschil tussen lucht- en watertemperatuur. Eerst dacht ik nog dat ik een watje was geworden als ik stapje voor stapje het diepe inliep en mijn polsen en hals en slapen natmaakte voor ik diep ademhaalde en volledig onderdook, in plaats van in één keer onder te duiken, maar dan zie ik dat iedereen het zo doet, en als er één volk is dat hard is voor zichzelf en voor stoer gaat, dan zijn het Basken.

Op het strand stond een bord met "Prestige" plus allerlei onbegrijpelijks in het Baskisch.

Een vreemde naam voor een strand, hadden we al bedacht, maar als we op de vloedlijn een stuk zwart moeten oversteken gaat ons een licht op: Olie! Zelfs hier!
Dan zal de Atlantische kust van Frankrijk er helemaal wel last van hebben!

 

Op de foto een opschrift op de muur voor het ziekenhuis, direct aan de boulevard.

Aan de mensen hier valt van alles te observeren.
Zo op het strand is het meest opvallende hoe ongelofelijk lief en plezierig mensen met hun kinderen omgaan. Dat zie je in heel Spanje, maar hier nog eens in de overtreffende trap.
In elke stad hier is een plein waar ouders tijdens "wandeltijd" (zeg maar tussen 8 en 10 's avonds) hun kinderen laten ronddarren.

Hier zie je dat ouders lol hebben in hun kinderen, en ze niet dwingen te doen wat henzelf toevallig goed uitkomt, maar uitgaan van wat hun kind wil.
De vader die zijn zoontje in zee wilde hebben (ivm de hitte ongetwijfeld) staakt zijn poging als het zoontje tegenspartelt. De vader gaat dan met de moeder pootjebaaiend staan kletsen, met het gezicht naar het zoontje. Dat zoontje rent heen en weer tussen bijna in het water en ver van het water, rent dan tot zijn ouders, en wil er vervolgens niet meer uit, wat dan ook weer gerespecteerd wordt.

Het is een typisch geval van een win-win-situatie. De ouders grijpen wel weer in als er grenzen worden overschreden: het jongetje dat al spelend wat autootjes van het buurjongetje in de tas van zijn moeder had laten glijden moet zelf de autootjes gaan teruggeven en sorry zeggen.
Maar dat gaat weer zonder donderpreken of verwijten of kwaad worden.

Ouders gelukkig, kinderen gelukkig, iedereen gelukkig, en het worden beslist geen watjes.

Je ziet hier ook goed de bouw van de Basken: "sturdy", gespierd met korte benen, en een rond hoofd, met donker haar. Geen Spaanse neus (een beetje een haakneus zeg maar), nooit het lange gezicht met wallen (ben benieuwd of dat nou de Moorse of de Joodse invloed is of gewoon allebei), die je in de rest van Spanje zo vaak ziet.
De mannen hebben ook bijna allemaal dezelfde kortgeknipte haren, waardoor dat ronde hoofd extra opvalt.

Het is een mysterieus volk, die Basken, met hun taal die aan geen enkele andere taal verwant is.

 

We lopen naar het oosten, waar het volgens Karin's gids zo zou bruisen.

Er is een strandpaviljoen, waar een jongen bezig is de stoelen op te stapelen. Dat gaat uiterst precies. Het exacte systeem weet ik niet meer, om en om stapels van 3 en 4 of zo, heel vreemd en leuk om naar te kijken.

Een minder aangenaam gezicht zijn de twee mensen die hun hond de auto in willen krijgen, razend worden als de hond met de staart tussen de benen wegrent, en hem als ze hem te pakken krijgen helemaal verrot schoppen.

 

Om een uur of 1/2 10 vertrekken we van het strand. Het is nog steeds een hele aangename temperatuur dan!

Omkleden op de camping en dan richting Plentzia, waar vlakbij de haven een paar barretjes zijn.

 

We kiezen een barretje uit voor een biertje en blijken er ook te kunnen eten.

Het hele terras wordt door één ober bediend, die zich de benen uit het lijf rent en onwaarschijnlijk snel iedereen weet te voorzien van wat ie wil hebben.
Binnen staan 2 mannen achter de bar, helemaal op hun dooie gemak te kletsen met de klanten. Er is een enorm verschil in standing (en bijbehorende rechten) tussen ober zijn of achter de bar staan.

Het is hier dat ik voor het eerst pimientos verdes eet, geroosterde groene pepertjes/paprikaatjes, met zeezout bestrooid.
Je eet ze in hun geheel (behalve het steeltje), en ze zijn verslavend lekker. Ik begin meteen te bedenken hoe ik aan zaad daarvoor kan komen en hoe ik ze dan in Mheer kan laten gedijen.

 

Nog even kletsen voor de tent en dan slapen: wat een heerlijke manier om bij te komen van alles wat afgelopen jaar teveel was!

 


© Copyright - Auteur: Sylvia Stuurman , Foto's: Ernst Anepool .
Copyright 1993-nu.
Voor commentaar, e-mail adres: sylviastuurman@gmail.com
 
terug Code voor foto: