Dialoog van monologen

Twee mannen, gearmd, druk in gesprek

Een dialoog voeren is niet vanzelfsprekend, besef je als je een gesprek voert met iemand met autisme. Waarschijnlijk lukt het nog redelijk wanneer het een kort, eenmalig gesprek is, maar wanneer je de partner bent van iemand met het syndroom van Asperger zul je een manier moeten vinden om er mee om te gaan.

Een dialoog voeren met iemand met autisme is eigenlijk een aaneenschakeling van monologen, en het is extreem moeilijk om je daaraan aan te passen, heb ik gemerkt.

Als je “normaal” een gesprek met iemand hebt, val je elkaar erg vaak in de reden, bijna zonder dat je het in de gaten hebt. Je humt instemmend, je zegt “Ja, dat ken ik”, of je gaat in op wat iemand zegt en vertelt er je eigen verhaal, je eigen associatie bij. Dat gaat over en weer, en hoewel het met de ene persoon gemakkelijker verloopt dan met de ander, is het stramien zo ongeveer dat: je valt elkaar op geschikte momenten in de rede, en bouwt zo samen een gesprek op. Dat gebeurt zelfs als je in debat bent (hoewel het elkaar in de rede vallen daar gemakkelijk storend wordt).

Twee mannen, gearmd, druk in gesprek
Het lijkt zo gemakkelijk, een gesprek voeren, maar soms is het bijna onmogelijk

Bij iemand met Asperger (althans, bij sommigen) gaat dat niet: elke onderbreking, zelfs al is het een instemmend hummen, wordt als een storende onderbreking gevoeld bij het vertellen van het verhaal. Daar komt bij dat dat verhaal vaak erg uitgebreid is, met heel veel uitweidingen of uitleg die er in de oren van de toehoorder soms niet toe doen.

Hoe komt het?

In de eerste plaats komt dat denk ik, doordat de wereld voor iemand met Asperger (althans voor sommigen) een database of spreadsheet van feiten is, die allemaal met elkaar verband houden. Het is niet zo dat voor een onderwerp sommige feiten belangrijk zijn en andere terzijde gelegd kunnen worden: in principe hangt alles met elkaar samen. Het is op die manier erg moeilijk om te vertellen wat je te vertellen hebt zonder de draad kwijt te raken (dat overkomt iemand met Asperger dan ook regelmatig).

Dat verklaart tegelijkertijd de vele uitweidingen en de vaak ingewikkelde uitleg bij allerlei details, en het feit dat het erg moeilijk is om de draad vast te houden voor de verteller zelf. Dan is het erg voorstelbaar dat elke onderbreking als storend wordt ervaren.

Lastig daarbij is ook dat er lange pauzes in het verhaal kunnen vallen: voor iemand met Asperger is het een enorme klus om zo’n verhaal te vertellen, en het ondertussen ook te vertalen naar de toehoorder. Er zijn dus pauzes nodig om de gedachten te ordenen, om te bedenken hoe het verder moet. Bij de toehoorder ontstaat daardoor vaak het idee dat de ander klaar is, terwijl het slechts een pauze blijkt te zijn.

Een complicatie is ook dat iemand met Asperger geen idee heeft hoe iets wat hij of zij zegt overkomt. En zeker wanneer iemand in gesprek is, is het vrijwel onmogelijk om dat rationeel te beredeneren. Er worden dus heel gemakkelijk dingen gezegd die enorme misverstanden kunnen oproepen. 

Hoe los je het probleem op?

Dat is lastig. Zwijgen en de hele monoloog aanhoren is geen optie: ik heb het geprobeerd; het is, althans voor mij, onmogelijk. Ondertussen opschrijven wat je terug wilt zeggen helpt, maar het gesprek wordt er onmogelijk door: je moet dan reageren op iets dat een kwartier geleden verteld werd, en dat kleine “draadje” wordt een volgende monoloog, waarbij je weer niet ondertussen kunt reageren.

Ik denk niet dat er een echte oplossing voor is: het is een groot probleem tussen iemand met Asperger en iemand zonder Asperger.
Wij hebben een aantal afspraken gemaakt (en het is lastig om je er aan te houden):

  • Als je iets hoort dat volgens jou niet klopt, niet onderbreken maar eerst het steekwoord Misverstand opschrijven, en dan een korte vraag: wat bedoelde de ander precies?
  • Als de ander iets zegt dat je pijn doet, zeggen: dat doet me pijn: het is nodig dat dat wel direct gezegd kan worden.
  • Voor degene met Asperger: wanneer je je onderbroken voelt, zeggen: dat was een onderbreking, en dan doorgaan met het verhaal: niet eerst een Zeer Uitgebreide Uitleg geven over het bezwaar van onderbreken.
  • Als het echt een lastig gesprek is, degene met Asperger vragen aan te geven wanneer het verhaal klaar is. Dan weet je wanneer je iets terug kunt zeggen. Je zult dan vaak aantekeningen moeten maken om te onthouden wat je wil terugzeggen.

2 gedachten over “Dialoog van monologen

  1. Ik ben erg blij dit stukje te lezen. Hierover kom ik weinig tegen op andere sites over asperger, maar DIT is wel waarom recentelijk de relatie met mijn ex partner met asperger is misgelopen. Hij had zeer sterk de neiging om te vervallen in eindeloze monologen. Ik raak letterlijk overspoeld, moet de kamer uitlopen om eraan te ontsnappen, hij merkt niet op dat ik al lang ben afgehaakt, hij valt mij bovendien constant in de reden als ik iets zeg omdat hij de rust niet heeft om mij te laten uitpraten, enz) Hier hebben we vaak over gesproken, maar hij kon het niet anders. Ik ben heel verdrietig over onze breuk, maar ik hield dit letterlijk niet meer vol. Ik kon me zo eenzaam voelen, en zo leeggezogen. Alsof ik alleen maar een soort praatpaal was. Ik begon ook situaties te vermijden, zoals autoritten samen, omdat ik me compleet overgeleverd voelde aan zijn monologen. De enige manier voor hem om het te voorkomen was zwijgen. Een middenweg was er niet. Soms merkte hij het van zichzelf, dan zei hij na een verhaal van een kwartier ineens: O, daar ga ik weer. probeerde het dan nog een keer maar verloor zichzelf al direct weer in een nieuwe monoloog.

    Ik ben er erg verdrietig over, want hield heel veel van hem. Maar communicatie is een belangrijk deel van de relatie, en ik voelde me zo vaak alleen en niet gezien/ gehoord dat ik soms het gevoel had helemaal geen relatie te hebben. Ik maakte wel eens de vergelijking met dansen. Een gesprek is als een dans. Je denkt samen fijn te dansen, maar al snel merk je dat je danspartner er vandoor danst in zijn eentje, zonder in de gaten te hebben dat hij jou achterlaat. En daar sta je dan, aan de kant van de dansvloer. te kijken naar je danspartner die er vandoor danst in zijn eentje, en die meestal pas merkt dat hij je obnderweg is kwijtgeraakt als de muziek is afgelopen. Dan moet je weer naar elkaar toelopen, de muziek starten, passen tellen, en net als je denkt weer samen te dansen gaat hij er weer vandoor. Zo’n ‘gesprek’is zo vermoeiend, en zo eenzaam…

Laat een reactie achter op Sylvia Stuurman Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *